Nieuwsbrief
Nr. 6 - oktober 2014
Vestius Advocaten
In deze nieuwsbrief

Rechter mag vooruitlopen op het nieuwe ontslagrecht

Faillissement voorkoken op eigen houtje: geen schone lei

Het civielrechtelijk bestuursverbod

Header
 
Rechter mag vooruitlopen op het nieuwe ontslagrecht

Als de Wet werk en zekerheid (“WWZ”) wordt ingevoerd gaat het ontslagrecht op de schop. Een van de gevolgen is dat de huidige kantonrechtersformule wordt vervangen door de transitievergoeding.

In de huidige wet bestaat geen recht op een ontslagvergoeding. Het is aan de kantonrechter die al dan niet toe te kennen. Daarbij is de hoogte van de vergoeding ook aan de rechter, de kantonrechtersformule is daarbij slechts een hulpmiddel om landelijke gelijkheid na te streven.

De transitievergoeding wordt wel een recht, en de hoogte wordt bepaald door een wettelijk vastgelegde methode. Hoewel de nieuwe wet pas op 1 juli 2015 in werking treedt, kunnen rechters ook nu al lagere vergoedingen toekennen, zo bleek onlangs uit een vonnis van de kantonrechter te Utrecht.

Met de genoemde wijziging wordt beoogd dat er minder geprocedeerd zal worden, de vergoeding staat immers vast. Maar omdat die vergoeding fors lager uitvalt, zou het ook kunnen zijn dat mensen minder snel akkoord gaan met een ontslag, waardoor juist meer procedures volgen. Daarbij kunnen werkgevers nu reeds anticiperen op de uitspraak van de rechter uit Utrecht, en niet meer op basis van de kantonrechtersformule tot een regeling komen, maar ook vooruitlopen op de nieuwe wet, en gokken op de – een stuk lagere – transitievergoeding.
Lees verder >>

Voor vragen of advies over dit onderwerp kunt u contact opnemen met Bart de Vroe.

 
Faillissement voorkoken op eigen houtje: geen schone lei

In de faillissementspraktijk wordt steeds meer gebruik gemaakt van de Engelse methode van de ‘pre-packaged sale in administration’ (‘pre-pack’). Hierbij wordt de doorstart al vooraf in betrekkelijke rust klaargestoomd – en dus niet in de chaos die doorgaans heerst na een faillissement. Deze werkwijze kan voor behoud van meer werkgelegenheid zorgen. Reorganisatiekosten worden bespaard en een deel van het personeel kan onder volstrekt andere arbeidsvoorwaarden in dienst treden bij de doorgestarte vennootschap.

De kantonrechter te Leeuwarden heeft een drietal doorstartende werkgevers die op deze manier hun faillissement hadden voorgekookt, toch aansprakelijk gehouden voor de achterstallige loonbetalingen aan het personeel van de gefailleerde vennootschappen, op grond van een “overgang van onderneming”. De rechter nam in beschouwing dat de bedrijfsmiddelen, die binnen de gefailleerde vennootschappen werden gebruikt, zonder onderbreking aan de nieuwe vennootschappen ter beschikking zijn gesteld. Daarnaast oordeelde hij dat bij doorstart na faillissement de regels van een overgang van onderneming als uitgangspunt weliswaar niet van toepassing zijn, maar dat met de werkwijze van de werkgevers de onderliggende grondslag van die wettelijke uitzondering werd gemist. De uitzondering had tot doel de curator meer mogelijkheden te geven om een doorstart van een gefailleerde onderneming te bewerkstelligen teneinde zoveel mogelijk werkgelegenheid te kunnen behouden. In de zaak die aan de kantonrechter te Leeuwarden werd voorgelegd is echter onmiddellijk doorgestart met dezelfde bedrijfsmiddelen en hetzelfde personeel (dit alles buiten de curator om), zodat de wettelijke uitzondering buiten toepassing is gelaten.

De les die uit deze uitspraak volgt is dat een ‘schone doorstart’ alleen mogelijk is met medewerking van de belangrijkste onafhankelijk toezichthouders: de rechter commissaris en een (toekomstig) curator.
Lees verder >>

Voor vragen of advies over dit onderwerp kunt u contact opnemen met Michiel van Haelst.

 
Het civielrechtelijk bestuursverbod

Op 1 september j.l. is het wetsvoorstel “Wet civielrechtelijk bestuursverbod” ingediend bij de Tweede Kamer. Deze maatregel is onderdeel van het wetgevingsprogramma Herijking Faillissementsrecht. De wijziging van de Faillissementswet gaat naar verwachting in per 1 juli 2015.

Doel van dit wetsvoorstel is om faillissementsfraude en andere onregelmatigheden, zoals ernstige tegenwerking van de curator en failissementsrecidive, effectiever te kunnen bestrijden, en om te voorkomen dat malafide bestuurders hun activiteiten via omwegen en met nieuw opgerichte ondernemingen kunnen voortzetten.

De wet maakt het mogelijk om bestuurders een bestuursverbod op te leggen voor maximaal 5 jaar. Om te voorkomen dat het wetsvoorstel als een zwaard van Damocles boven het hoofd van iedere bestuurder hangt, bevat het wetsvoorstel de nodige waarborgen.

Doel van het civielrechtelijk bestuursverbod is het voorkomen van (toekomstige) schade. Of het een effectieve maatregel betreft zal moeten blijken in de praktijk.
Lees verder >>

Voor vragen of advies over dit onderwerp kunt u contact opnemen met Sanne van de Kamp.

[tUnsubscribeLink]

Vestius Advocaten Herengracht 584
Postbus 20550 - 1001 NN Amsterdam
T +31 (0)20 521 0690  E info@vestius.com  W www.vestius.com